De circulaire economie wordt gezien als dé oplossing om afval te verminderen en hulpbronnen te sparen. Voor een duurzame toepassing bij kunststoffen moeten echter alle betrokkenen profiteren: van afvalverwerkers en recyclers tot producenten, consumenten en het milieu. Een complexe uitdaging.
In 2015 heeft de Europese Commissie een actieplan voor de circulaire economie met 54 maatregelen goedgekeurd. In maart 2019 gaf zij een positieve tussentijdse evaluatie: „De principes van de circulaire economie zijn geïntegreerd in de productie, consumptie, waterbeheer, voedingsindustrie en het beheer van specifieke afvalstromen, met name kunststoffen”, aldus Frans Timmermans, eerste vicevoorzitter van de Commissie.
Ook in cijfers is dit aantoonbaar. Alleen al in 2016 werd er 147 miljard euro aan waarde gecreëerd door circulaire activiteiten zoals reparaties, hergebruik of recycling, en werden er investeringen van 17,5 miljard euro gedaan. Een onderdeel van de circulaire economie in Europa is de EU-kunststofstrategie. Deze strategie bepaalt onder andere dat vanaf 2030 alle kunststofverpakkingen op de EU-markt recyclebaar moeten zijn.
Uitdagingen voor Recyclers
Om dit werkelijkheid te maken en de cirkel te sluiten, is er nog veel werk aan de winkel. Momenteel schommelen de prijzen voor recyclaten en nieuw materiaal. Dit vormt een uitdaging voor recyclers, want als de prijzen voor recyclaten hoger zijn dan die voor nieuw materiaal, daalt de vraag.
De prijs van recyclaat wordt door verschillende factoren beïnvloed: Enerzijds door de hoeveelheid beschikbaar materiaal, die gekoppeld is aan inzamel- en afvoersystemen. Anderzijds door de inspanning die nodig is voor het sorteer- en verwerkingsproces. Afhankelijk van de beoogde toepassing van de kunststof varieert de vereiste zuiverheidsgraad. Soms zijn aanzienlijke hoeveelheden water en energie nodig voor reiniging en sortering. Als op dit punt in de cyclus de winstgevendheid – oftewel het genereren van winst – al ter discussie staat, komt de hele circulaire economie in gevaar.
Uitdagingen voor kunststofproducenten en -verwerkers
Voor kunststofproducenten en -verwerkers geldt hetzelfde. Hun winstgevendheid hangt ook af van de beschikbare hoeveelheid, kwaliteit en prijs van het recyclaat. Producenten en verwerkers hebben behoefte aan planningszekerheid voor al deze drie componenten: Zonder voldoende hoeveelheid dreigt bijvoorbeeld een productiestop en bij een gebrekkige kwaliteit van het basismateriaal een minderwaardig eindproduct. Vaak is het gebruikte materiaal verontreinigd met metalen onderdelen, wat leidt tot kostbare machineschade, processtoringen en stilstand. Bovendien drukken te hoge inkoopprijzen hun winst.
Vol potentieel
Volgens scenario's van „Der Grüne Punkt“, de marktleider in duale systemen in Duitsland, is het waardecreatiepotentieel voor recyclaten aanzienlijk, zelfs zonder substantiële technologische vooruitgang. Door de huidige toonaangevende technologie breed in te zetten, kan de markt voor kunststofrecyclaten in Duitsland groeien van 189 miljoen euro in 2014 naar 414 miljoen euro in 2030, een stijging van 119 procent. Als de omstandigheden en vraagontwikkelingen verbeteren, kan het marktvolume in 2030 zelfs 1,04 miljard euro bereiken.
Een ander aspect dat dit potentieel ondersteunt: de wereldwijde vraag naar kunststof stijgt. Deze toenemende vraag kan leiden tot een gespannen bevoorradingssituatie met lange levertijden voor nieuw materiaal. In dat geval kunnen secundaire grondstoffen de primaire materialen aanvullen en een onafhankelijke markt vormen die minder gevoelig is voor de schommelingen in aanbod en prijs van nieuw materiaal.
Van "leuk om te hebben" naar concurrentievoordeel
Bovendien kan de overheid door maatregelen zoals de verpakkingswet en vaste recyclingquota het recyclingpotentieel positief beïnvloeden. Met de eerder genoemde EU-kunststofstrategie zijn al ambitieuze doelen gesteld.
Ook de houding van bedrijven ten opzichte van het gebruik van gerecyclede materialen speelt een cruciale rol. Bij veel bedrijven is er al een verandering in denken gaande. De CO2-voetafdruk – de totale hoeveelheid koolstofdioxide-uitstoot die direct of indirect tijdens het productieproces of de gehele levenscyclus van producten ontstaat – komt steeds meer in de schijnwerpers te staan. Een positieve CO2-balans wordt een onderdeel van een duurzame productstrategie en soms zelfs een concurrentievoordeel. Al bij de ontwikkeling van producten en verpakkingen kan rekening worden gehouden met recycleerbaarheid. Als dit duidelijk aan de consument wordt gecommuniceerd, vergroot het hun acceptatie en vraag naar producten van gerecyclede materialen. Ook omdat ze daarmee het milieu helpen.
Voor een betere planeet
Een hoog recyclingpotentieel en een gesloten kunststofkringloop bieden aanzienlijke voordelen voor het milieu. De reden: Momenteel worden voor nieuwe kunststofproducten nog voornamelijk primaire kunststoffen gebruikt, die uit ruwe olie worden vervaardigd. Volgens de bvse-vakvereniging voor kunststofrecycling vermindert kunststofrecycling de behoefte aan ruwe olie op twee manieren: Enerzijds door het besparen van nieuwe kunststoffen en anderzijds door energiebesparing. Bij kunststofrecycling wordt slechts 33 tot 50 procent van de energie verbruikt die nodig is voor de productie van nieuwe materialen. Bovendien is de CO2-besparing aanzienlijk. Elke ton gerecyclede kunststof die in plaats van vergelijkbare nieuwe materialen wordt gebruikt, vermijdt volgens de vereniging tussen de 1,45 en 3,22 ton aan klimaatbelastende broeikasgassen.
Investeren in recycling kan dus voor alle betrokkenen meer dan lonend zijn. Tijd en geld steken in technologieën en structuren die de winstgevendheid van recycling bevorderen, lijkt veelbelovend gezien het grote potentieel. Het storten op vuilnisbelten en het dumpen in het milieu zouden snel plaats moeten maken voor recycling. Want alleen door het hergebruik van kunststofafval, bij voorkeur in hoogwaardige producten, kunnen beperkte hulpbronnen worden behouden en de kunststofkringloop worden gesloten.